Bij brand is de rook doodsoorzaak nummer een. Die bevat allerlei verbrandingsproducten, waaronder giftige gassen zoals koolmonoxide (CO). Rookmelders waarschuwen je snel voor brand en rook. Het harde alarm geeft je tijd om jezelf en je huisgenoten in veiligheid te brengen en de schade tot een minimum te beperken. De meeste rookmelders werken op batterijen. Ze houden dus onafhankelijk van het lichtnet dag en nacht de wacht. De batterijen gaan ongeveer een jaar mee, de rookmelder geeft het zelf ruim van tevoren aan als de batterij aan vervanging toe is. Plaats op elke verdieping een rookmelder in de ruimte waar de meeste kamers op uitkomen. Bevestig de rookmelder aan het plafond, op afstand van een zijmuur en niet in een hoek of nok. Koop alleen rookmelders die voorzien zijn van het Goedmerk.
Weet wat je moet doen
Verstandig handelen bij een brand doet bijna niemand van nature. Wat doe jij als er brand uitbreekt? Praat je daar wel eens met je huisgenoten over? Of denk je dat het jou nooit zal overkomen? Zelfs in de kleinste ruimtes, die je door en door kent, raak je bij rookontwikkeling je oriëntatie kwijt.
De brandweer moet er binnen acht minuten na de melding zijn. Realiseer je dat je tot dat moment zelf zult moeten optreden. Dat gaat beter als je van tevoren een vluchtplan maakt, met afspraken over hoe jij en je huisgenoten bij brand kunnen vluchten.
Maak in ieder geval afspraken over het volgende:
- Bepaal de snelste en veiligste vluchtroute uit het pand en geef deze aan op een plattegrond van het huis. Een goede vluchtroute gaat van boven naar beneden (in verband met opstijgende rook) en bij voorkeur naar de straatkant van het pand, zodat je gezien wordt en hulpverleners je kunnen bereiken.
- Bepaal een tweede vluchtroute voor het geval de uitweg via de voordeur geblokkeerd is.
- Spreek een verzamelplaats af, waar je elkaar na het vluchten ontmoet. Zo kun je snel bepalen of er nog iemand binnen is. Het is belangrijk voor de brandweer om dit te weten.
Als je het huis niet kunt verlaten omdat de vluchtroute afgesloten is, dan moet je naar de zogenoemde vluchtkamer. Spreek af, en geef in je vluchtplan aan, welke kamer dat is. Hij moet aan de straatkant zijn, zodat de brandweer er gemakkelijk bij kan. Een andere mogelijkheid is een balkon. Spring niet naar beneden, probeer paniek te voorkomen en wacht op hulp. Blijf intussen de aandacht van de omgeving trekken. De brandweer rukt bij brand in een woning altijd uit met een redvoertuig.
- Maak een taakverdeling. Wie is bijvoorbeeld verantwoordelijkvoor de huisdieren?
Geef op de plattegrond aan waar de blusmiddelen zijn en de hoofdafsluiters van gas en elektra.
Spreek een vaste plek af waar je je huissleutels altijd opbergt.
Spreek af dat je tijdens het vluchten altijd de deuren achter je sluit. Een deur is minimaal twintig minuten brandwerend. Hierdoor kan branduitbreiding voorkomen, of in ieder geval vertraagd worden.